S.S. Waterman
19 April, de dag dat ik Portimão achter mij laat. De wind is gunstig om een flink stuk verder te komen. Helaas zijn de orka’s in de buurt gespot, goed opletten dus en binnen de 20 m diepte blijven. Dat zorgt er wel voor dat ik dicht langs de kust moet varen. Dat heeft weer het nadeel dat de route langer wordt en de wind minder constant. Tel daar nog een paar flinke buien, met hun eigen wind, bij op en je hebt een recept voor een zware dag. Een zware dag is het geworden. Vertrokken onder vol tuig en Code D. Geëindigd met dubbel gereefd grootzeil en genua. Tussentijd 4 zeilen wissels gehad en, in een tijdsbestek van een uur, 5 keer een gijp door windshifts van meer dan 90 graden. Dit heeft er wel voor gezorgd dat ik de route heb afgelegd met een gemiddelde snelheid va 8,2 knoop en een topsnelheid van bijna 11 knopen. Moe maar voldaan meer ik af in de Marina van Vila Real aan de grensrivier tussen Portugal en Spanje.
20 April Pasen. Ik sta voor mijn doen laat op en bak een croissant. Het zou leuk zijn om vandaag verder te gaan maar de wind en de stroming in de haven maken het lastig om uit te varen. Ik heb maar heel weinig ruimte om te manoeuvreren. Waarom zou ik risico nemen? Ik heb immers geen haast. Na het ontbijt naar het havenkantoor om voor een extra nacht te betalen. Morgenochtend is het rustiger en kan ik bij het kenteren van het getij uitvaren. Vandaag kijken wat er in het plaatsje is te beleven. Op een plein vlak achter de boulevard is het gezellig druk. Er zijn opvallend veel winkels open en er staan kraampjes waar particulieren hun huisvlijt aanbieden. Voor de jeugd zijn er een aantal gratis attracties.
21 April. Ik sta op tijd op en gun mezelf weinig tijd voor het ontbijt. Lopende vort maak ik het schip klaar voor vertrek. Het is nu windstil maar dat kan snel veranderen. Net als ik alle landvasten los heb en weg wil varen komt er uit een zijtak van de haven een ander schip varen. We kijken elkaar aan, ik kan met beide motoren eenvoudiger manoeuvreren en gebaar hem om voor te gaan. Zonder stroom en wind draai ik bijna op de plaats en kan vooruit de haven uitvaren. Mijn bestemming staat nog niet vast maar ik hoop dat ik Chipiona kan halen voor het donker wordt. Ik zet een route uit. Voor Huelva ligt een oliepijpleiding met een verboden vaargebied er omheen. De 20 m dieptelijn aanhouden is daar niet mogelijk. Op de website orcas.pt is te zien dat de orka’s dicht bij Gibraltar zitten. Ik gok erop dat ze daar vandaag blijven en zet de route rechtstreeks naar Chipiona. De tocht verloopt voorspoedig maar wel met de site van orcas.pt permanent open. Het blijft spannend…. Ruim twee uur voor aankomst in de haven ben ik weer binnen de 20m dieptelijn. Het havenkantoor van Chipiona is gesloten als ik binnenloop. Het schip dat gelijk met mij uit Vila Real vertrok komt gelijk met mij binnen. Ik leg aan bij de brandstofsteiger en is een marinero die me helpt bij het aanleggen. Blijkbaar mag hij ligplaatsen toewijzen en ik mag op de kop van de P steiger gaan liggen. Op orcas.pt komt tussendoor een melding van een orka aanval binnen, iets ten zuiden van Barbate in 50m diep water. De Orka’s komen deze kant op, gelukkig is de route naar Gibraltar goed binnen de 20m te doen.
22 April -25 April. De wind is de komende dagen uit de verkeerde richting om verder te gaan. Chipiona heeft een marina met overwegend kleine motorboten en daarnaast een vissershaven. Vita Nova is niet alleen het grootste schip in de haven maar ook de enige bewoonde. Helaas hier geen aanspraak van andere zeilers. Gelukkig is Chipiona wel een leuk plaatsje. Lopend langs het strand en de boulevard is het duidelijk dat het seizoen hier nog niet is begonnen maar er zijn in het stadje genoeg winkels bodega’s en restaurants te vinden om mij te vermaken. Kon ik in Portugal goed wegkomen met Engels, hier is google translate mijn grote vriend.
Zoals het er nu uit ziet is er zaterdag de enige gelegenheid om door te varen naar Cadiz. Barbate zou misschien ook haalbaar zijn. De dagen daarna tot begin mei lijken niet best te worden. Als ik dan toch in een haven moet liggen is Cadiz een betere optie dan Barbate. Als ik de tweede nacht in de haven wil gaan slapen hoor ik een vreemd geluid. Ik kan niet thuisbrengen wat het is dat ik hoor. Ik hoor het overal binnen in mijn schip maar buiten is het stil. Het klinkt als zacht knetteren. Te veel spanning op de romp na het spannen van de stagen? Galvanische corrosie door de metalen drijvers onder de steiger? Alle scenario’s passeren maar geen een lijkt het te zijn. Mijn conclusie is dat het geluid via het water wordt getransporteerd. Maar waar het vandaan komt blijft een raadsel en het geeft een onrustig gevoel. Niet goed voor mijn nachtrust en dat blijft de komende nachten zo. Morgen vaar ik uit en zal ik er achter komen of het raadselachtige geluid inderdaad vanuit de haven komt.
26 april. Rond een uur of negen is het laagwater en besluit ik uit te varen. Sneller dan verwacht ontdek ik de oorzaak van het geluid. Een steiger verder ligt een motorboot waarvan de lenspompen twee krachtige waterstralen uitspugen.
Er is niemand aan boord dus ergens moet er een lek zijn. Ik maak er een foto van en mail die naar de havenmeester. Als een pomp stopt heeft niet alleen de eigenaar van de boot maar ook de haven een probleem. Eenmaal buiten de haven is er wel wat wind maar niet voldoende om op zeil de ondiepte te passeren. Eenmaal de ondiepte gepasseerd zet ik de code D. Geen grootzeil of genua. Die zouden alleen maar wind uit de code D wegnemen. Het is maar een mijl of twintig naar Cadiz, alle tijd om rustig aan te doen.
Het is rustig rond de haveningang van Cadiz en mijn waypoint staat in het midden van de vaargeul vlak voor de havenhoofden. Als ik nog een halve mijl te gaan heb doemt er een cruiseschip op achter de havenhoofden. Die zal zo een bocht maken naar de vaargeul en recht op mij af komen. Ik start de motoren, rol de code D wat eerder dan ik van plan was in, en maak een duidelijke koersverandering naar stuurboordwal in de vaargeul. Binnen de havenhoofden roep ik de Marina op. Er komt een uitgebreid antwoord in het Spaans. Pas na twee keer verzoeken proberen ze in het Engels te antwoorden. Gelukkig had ik al een plek gereserveerd. Daar kon geen misverstand over zijn. Nadat ik aangaf solo te zeilen gaven ze een box nummer door en vroegen om even buiten de haven te blijven totdat er een marinero klaar staat op de steiger van de box. Na een minuut of vijf voor de haveningang te hebben gewacht zag ik de marinero wenken en even later lag ik netjes afgemeerd.
Hier zijn gelukkig wel mensen aan boord en ik heb al snel contact met anderen. Ik wordt uitgenodigd voor een borrel aan boord bij Steef en Annemieke met een Fountaine Pajot Lipari. Toen zij het schip, meer dan een jaar geleden, kochten was het interieur uitgeleefd. Hij heeft het meeste hout opnieuw gefineerd, zelfs hele delen vervangen of veranderd. Het ziet er allemaal keurig netjes uit. Ook de kajuitvloer is vervangen. Hij liet me een restant van de vloer zien helaas stond er geen merk of type op. Dat probeert hij nog voor me te achterhalen omdat ik het heel interessant vind voor mijn schip. Terug aan boord neem ik een Pizza uit de diepvries en bak die af. Na het eten wordt ik gewenkt door mijn buren. Morgen ochtend gaan ze, om 10 uur, met een groepje lopend naar de stad voor een kop koffie. Of ik zin heb om mee te gaan? Uiteraard vind ik dat leuk. Tot morgen!
27 april, zondag. Mijn dag begint traditiegetrouw met een versgebakken croissant en Bach. Om tien uur sta ik bij de poort van de haven. Naast mijn buren Ulrike en Friedhelm gaan ook Steef, Annemieke en de bemanning van een Lagoon, David en Josje, mee. De laatste hebben een mopshond puppy Suus. Voor de zekerheid hebben ze een soort buggy omdat de wandeling waarschijnlijk te lang is voor de jonge Suus. Tijdens de koffie blijkt weer eens dat de zeilersgemeenschap een grote familie is. Ulrike, Friedhelm, Steef en Annemieke kennen Klaas en Carla en weten dat Carla haar eerste onderzoek heeft gehad. Ik ben benieuwd naar het leven met een puppy aan boord. Het blijkt voor David en Josje hun tweede hond aan boord te zijn. Ze hadden een stuk kunstgras waarop de hond zijn behoefte kon doen. Het stuk kunstgras is kortgeleden weggewaaid maar de pup heeft daar geen probleem mee. Zij plast en poept op de trampoline en dan spoelen ze de trampoline weer schoon. Terug op de haven ligt een box verder naast mij een nieuwe Fountaine Pajot Elba met een Canadese vlag. Ik loop er naar toe en de schipper reageert met ‘Bonjour’, ik antwoord in het Engels. Hij blijkt een Engelstalige Canadees te zijn en die mijn vlag voor een Franse had aangezien. Het schip van Ed, de schipper, is op haar eerste reis vanaf de werf. Ook Ed is een vrij ‘nieuwe schipper’. Een probleem met zijn lazyjack systeem is dan ook snel opgelost door één bandje te veranderen.
Voor de komende twee dagen wordt er veel wind verwacht en ik zorg dat mijn schip met een paar extra lijnen goed ligt.
28 april De voorbereiding op de storm blijkt niet voor niets te zijn geweest. Ik wordt wakker in een zandstorm. Als het wat rustiger wordt ga ik naar de stad.
Eerst richting het kasteel dat de kaap vormt. Daarna wil ik boodschappen doen. Op weg naar de winkels bedenk ik me dat ik mijn contant geld ben vergeten. Vooral in supermarkten kun je digitaal betalen, waar is er een dicht bij? Vreemd de verbinding is slecht, googlemaps laat me in de steek. De supermarkten die ik tegenkom zijn dicht en de verkeerslichten werken niet. Vreemd. Op de haven staan de deuren naar de steigers open. Zeker voor de storm denk ik. Pas aan boord ontdek ik dat heel Spanje en Portugal zonder stroom zitten, mijn schip uitgezonderd. Sinds de tewaterlating heb ik geen walstroom meer nodig gehad. Ik moet wel voor de tweede keer vandaag zand van mijn zonnepanelen afspoelen om voldoende opbrengst te houden.
Ed komt langs om een trekveer te lenen. Een uurtje later is hij terug, het is niet gelukt om de draden door te voeren in zijn plafond. Ik weet hoe lastig het kan zijn in een dubbelwandig schip, ook al is het nog geen twee meter die overbrugt moet worden. Mijn endoscoop is twee meter lang en een stuk stugger dan een trekveer. Misschien lukt het daar mee? Het is niet een apparaat dat ik uitleen, dus ga ik met hem mee. Met de camera kun je de obstakels zien en proberen te ontwijken. Een derde poging is succesvol. Nu kan hij verder om luidsprekers op de flybridge te installeren. Ik ben nu twee keer bij Ed aan boord geweest. Zijn schip is de nieuwste opvolger en ongeveer dezelfde afmeting als die van mij. Maar als je me vraagt ‘wil je ruilen?’ dan is het antwoord volmondig ‘Nee’. Het is een mooi gelijnd modern schip, waarschijnlijk succesvol in de chartermarkt, maar niet voor mij, ik mis de warmte van mijn schip.
29 april Er staat nog steeds een harde wind maar gelukkig met een stuk minder zand. Op de hele haven is iedereen druk om zijn schip af te spoelen. In Chipiona ben ik op de steiger over mijn waterslang gestruikeld en had gezien dat er een klein gaatje in was gekomen. Ook ik wil mijn schip afspoelen. Helaas blijkt de schade aan de slang groter dan gedacht. Een noodreparatie hielp maar even en de slang knapte op een andere plaats. Laat Lidl nu net een slang in de aanbieding te hebben. Ik heb geluk en kan het laatste exemplaar in de winkel bemachtigen. Het valt op dat de versafdeling van de winkel bijna leeg is. Een gevolg van hamsteren na de stoomstoring.
30 april 1949, vandaag 76 jaar geleden, is mijn vader onderweg naar Nederlands Indië aan boord van het troepentransportschip ‘S.S. Waterman’ en hij schrijft in zijn dagboek: “De reis gaat verder op Gibraltar af en om 11.35 uur kwam de laatste kaap voor Gibraltar, Kaap Cadiz.”
Vanaf het kasteel zou dit het uitzicht kunnen zijn geweest.
Tijdens de vele gijpen van Vila Real naar Chipiona heb ik gezien dat er een probleem kan ontstaan met de zonnepanelen op het kajuit dak. Een te los grootschot zou onder een hoek van het zonnepaneel kunnen blijven haken. Bedenk zelf maar wat er dan gebeurd.. Met Murphy’s law in het achterhoofd bedenk ik een oplossing. Een simpele geleiding strip kan het probleem oplossen. Er zit een goede ijzerwaren winkel in de stad en ik ga er op de fiets naar toe. Het is een ouderwetse winkel met een toonbank waar je mag vertellen wat je nodig hebt. Ik laat een foto zien van het profiel dat ik nodig heb en de man loopt naar achteren. Ik verwacht niet dat hij het rechthoekige profiel van twee meter zal hebben. Even later komt hij terug met een prachtig profiel met de juiste afmeting, geanodiseerd en met afgeronde zijden. Wow, beter dan ik had verwacht. Het is een uitdaging om met een 2m lang profiel door de smalle straatjes terug te fietsen.
1 mei dag van de arbeid. Iedereen heeft hier vrij. Een prima dag om het profiel op het dak met de zonnepanelen pas te maken.
In de middag ga ik wandelen in de stad.
Het is er druk met toeristen van een cruiseschip, een van de velen die Cádiz aandoen. Om zes uur borrelen bij Ulrike en Friedhelm. We zijn weer met zeven en wat later wordt ook Suus er bijgehaald. Ik weet niet meer hoe het ter sprake kwam dat de ‘Wind of Change’ in Portimão te koop ligt, maar ze bleken Petra en Bernhard ook te kennen. Had ik al iets gezegd over één grote zeilfamilie?
Voordat het donker wordt weer de lijnen controleren, vannacht en morgen gaat het weer waaien en regenen.
2 mei. Harde wind met af en toe natte wind. Ik neem de tijd om wat te schrijven. In de loop van de dag zal het beter worden. In de loop van de middag zie ik een catamaran vlak achter langs varen. Onmiddellijk reageer ik er op. Dit kan haast niet goed gaan. Ik loop naar buiten en zie dat de fransman de box naast mij in wil varen. De manier waarop hij dat doet is bij deze windhoek fout. Ik hoop dat hij mijn schip niet raakt…. Het wordt, gelukkig, niet mijn schip maar de kop van de steiger met een lelijke schade aan zijn bakboord romp tot gevolg. Een nieuwe poging doet hij weer verkeerd en raakt daarbij met zijn stuurboord romp de boegspriet van de catamaran van Ed. Schurend langs de paal aan de kop van de steiger draait hij de box in. In de box vaart hij te ver door naar de steiger en raakt, met zijn dinghy en buitenboordmotor, meerdere keren de elektra- en waterpaal op de steiger. Ik zie dat hij achter op de beide rompen vaste stootkussens heeft gemonteerd. Lelijk maar ik snap waarom. Ik vraag aan Ed of hij schade heeft. “Ik heb net gekeken maar zie zo snel niets” zegt hij. Ik kijk naar de beschadiging op de romp van de fransman en kan me moeilijk voorstellen dat de boegspriet geen schade heeft. Ik loop met hem mee naar zijn voordek en het lijkt er op dat de boegspriet naar bakboord is verschoven. Van bovenaf is dat niet goed te zien. Morgen zullen we met mijn dinghy van onderaf kijken en meten. Van de schrik bekomen loop ik de steiger af en ga buurten.
Met Steef en Annemieke wissel ik telefoonnummers uit. Zij vertrekken morgen west. Bij David en Josje heb ik nog een uitnodiging staan om hun schip te bekijken. Hun schip ‘Zilt’ van 39 voet ziet er netjes uit. De ruimte bovendeks is redelijk gelijk wat ruimte betreft maar in de rompen is het verschil in lengte en ruimte duidelijk merkbaar. Ook zij vertrekken morgen in westelijke richting. Volgend jaar komen ze ook naar de Med. We zien elkaar dan vast wel weer. Ulrike en Friedhelm vertrekken ook morgen maar dan naar Barbate en vervolgens Gibraltar, net als ik van plan ben. Zij kiezen er voor om het stuk aan de wind te zeilen, ik wacht een dag en heb dan ruime wind. We zien elkaar vast bij Gibraltar. Het wordt stil in de haven.









Liefs Carla.